Leerlingen actief op congres

Op het congres “Vooral samen verantwoordelijk” waren ook leerlingen actief.

De ontvangst werd verzorgd door leerlingen van de Entree-opleidingen van ROC de Leijgraaf  en ook van de Sonnewijser uit Oss.

De leerlingen zetten hun beste beentje voor en Marloes van de Camp bedankte hen na afloop met een leuke attentie.

.img_2831

De regionale werkgroep

De regionale werkgroep “VSV en Kwetsbare Jongeren” bestaat uit vertegenwoordigers uit de gehele regio. V.l.n.r. ziet u Reinoud van Uffelen, Marloes van de Camp, Ronald Nijhuis, Liesbeth Endendijk en Ruby de Jong.

Hier vindt u de contactgegevens!

Iedereen beschikt over talent

“Iedereen beschikt over talent” zei Richard van Ommen tijdens zijn presentatie op het congres “Vooral samen verantwoordelijk”.

Richard van Ommen vertelde hoe de Talentencampus talent uit Oss en omgeving bij elkaar brengt, bijdraagt aan een gezonde arbeidsmarkt in de regio en ondernemerschap, vakmanschap, kennisontwikkeling en innovatie ondersteunt. Ook was er gelegenheid om rond te kijken op de campus.

meer weten: www.talentencampusoss.nl 

I

Pijnlijke contacten verplaatst

De Masterclass “Pijnlijke Contacten” van Ronald Hünneman is verplaatst naar vrijdag 1 april. Wegens de grote belangstelling voor deze lezing was inschrijven niet meer mogelijk. De mensen die zich hadden aangemeld hebben persoonlijk bericht gekregen.

Het aangepaste programma van vrijdag 1 april 2016:

13.30-14.00 Ontvangst

14.00-16.00 Masterclass

16.00-16.30 Borrel na afloop

De locatie blijft onveranderd:

Raadzaal in het gemeentehuis van Oss

Raadhuislaan 2

Onze excuses voor eventuele ongemakken.

vriendelijke groet,

Ronald Nijhuis (RBL BNO, r.nijhuis@rblbno.nl) en Marloes van de Camp (de Leijgraaf, marloes.camp@leijgraaf.nl)

hunneman

Masterclass “Pijnlijke Contacten”

Ronald Hünneman komt naar onze regio. Hünneman is filosoof en docent bij de studie kunst, cultuur en media aan de universiteit van Groningen. De lezing “Pijnlijke Contacten” is onderdeel van de module “LOB en Kwetsbare Jongeren” die zowel in Oss als in ‘s-Hertogenbosch door een groep mensen gevolgd wordt. Maar omdat de lezing erg interessant is en de zaal groot genoeg is deze ook toegankelijk voor andere geïnteresseerden.

Hünneman was op 5 januari in ‘s-Hertogenbosch en komt op 1 april naar Oss.

Aanmelden is helaas niet meer mogelijk.

Een lezing over de wereld van jongeren, met name die jongeren die sociaal of communicatief minder goed uit de voeten kunnen. Dit is een pakkend, zinvol, bruikbaar, realistisch en erg prettig gebracht verhaal dat continu boeit. Een aanrader, eigenlijk een must voor iedereen die met jongeren aan de slag is. Voor velen zal het een andere manier van kijken naar onze jongeren betekenen.

Hieronder een uitgebreidere beschrijving van de inhoud.

Pijnlijke contacten in de geest van anderen

Door: Ronald Hünneman (docent/onderzoeker Rijksuniversiteit Groningen)

hunneman

De gedachtesprong waarbij we ons verplaatsen in de geest van een ander is lastig, heel lastig. Zo voelt dat overigens niet voor de meesten van ons. Met speels gemak houden we voortdurend de geest van de mensen om ons heen in de gaten. We hebben een redelijk beeld van de gevoelens en gedachten van onze partners, onze kinderen, familie, vrienden en collega’s. En als we iemand tegenkomen die totaal anders in het leven staat, dan lukt het ons in de meeste gevallen wel om onszelf in haar of zijn positie in te leven.

Voor sommige mensen ligt dat moeilijker. Zij hebben die volautomatische blik op de geest van de ander niet, of in mindere mate. Daardoor zien zij gedachten, gevoelens en motieven niet die voor anderen klip en klaar zijn. Je zou kunnen spreken van sociale slechtziendheid. Daarbij zijn sommigen sociaal blind, anderen sociaal slechtziend, en weer anderen hebben een bril of alleen een leesbrilletje nodig.

Bij het omgaan met mensen met een beperkte sociale blik gaat het er in eerste instantie om een goede beschrijving te geven van wat iemand wel en niet kan. Welke sociale situaties kan iemand nog wel begrijpen, en welke niet? Hoe gaat iemand om met ruzies? Met samenwerken? Met list en bedrog? Met humor, liefde, jaloezie? Met cynisme? Enzovoort, enzovoort. Een dergelijke beschrijving is geen diagnose (het laat niet zien wat de oorzaak is), maar kan wel worden gebruikt om te bepalen op welke punten iemand hulp nodig heeft.

Deze lezing is bedoeld om geïnteresseerden gevoelig te maken voor de problemen van mensen met een beperkte sociale blik. Daarnaast wordt een heldere methode aangereikt om de wereld vanuit een contactarm perspectief te bekijken. Daarbij zal blijken dat normale communicatietechnieken lang niet altijd kunnen worden toegepast, en zelfs het contact pijnlijk kunnen maken. Op basis van dit nieuwe perspectief zal begeleiding van cliënten aangepast of verscherpt kunnen worden, want juist bij een contactstoornis is maatwerk geboden.

Sociale omgeving en sociale intelligentie

Een van de meest lastige aspecten van het werken met mensen is dat er tussen mensen grote verschillen in sociale intelligentie bestaan. De variatie in sociale intelligentie, of sociale handigheid, is minstens zo groot als de spreiding in IQ. Tegelijkertijd is het mensen die sociaal niet zo handig zijn uitermate lastig om zich in onze steeds socialer wordende wereld te handhaven. Niet alleen zorgen nieuwe media en technologie voor een toenemende sociale complexiteit, ook de wijze waarop het onderwijs en instellingen zijn gestructureerd, stelt steeds hogere eisen aan sociale intelligentie. In deze workshop leert u hoe u naar het gedrag van mensen kunt kijken om problemen op het gebied van sociale handigheid te signaleren. Daardoor krijgt u inzicht in de “sociale blindheid” van sommige jongeren en volwassenen. Samen met u zullen we nadenken wat dit betekent voor de sociale inrichting van uw school of instelling.

Betere start door zomerschool

door: Thea de Ruijter

De Zomerschool is er voor leerlingen die al zijn aangemeld bij een mbo-opleiding op ROC de Leijgraaf. De leerlingen krijgen twee weken lang aan het einde van het schooljaar, ín hun vakantie, van maandag tot en met donderdag vier uur per dag les. Ze leren hierbij meteen hun nieuwe schoolomgeving kennen en docenten die bij ROC de Leijgraaf werken. De Zomerschool wordt aangeboden op de locaties Muntelaar in Veghel en Euterpelaan in Oss.

Programma op maat


In de Zomerschool werken we aan de eigen vaardigheid van de leerling, met een programma op maat. In de Zomerschool rekenen werken we aan rekensituaties uit het dagelijkse leven, om te laten zien waar je rekenen voor nodig hebt. We bieden dit in een ontspannen sfeer aan en benadrukken dat rekenen ook heel leuk kan zijn. Hierbij kunt u denken aan een recept van pannenkoeken omrekenen naar het juiste aantal personen (verhoudingen) en dan ook de pannenkoeken bakken, een speurtocht door de school (ruimtelijk inzicht) of je eigen kamer inrichten (meten, werken op schaal, budgetteren). De afgelopen Zomerscholen waren een succes: op beide locaties waren er groepen van 8 tot 12 leerlingendie met plezier de lessen gevolgd hebben.

We merken in onze dagelijkse begeleiding van leerlingen dat er veel behoefte is aan extra ondersteuning Engels. Daarom is er nu ook een Zomerschool Engels, op dezelfde manier als de Zomerschool rekenen. Het eerste deel van de lesdag draait om eigen vaardigheden op maat. Het tweede deel van de lesdag wordt er vervolgens gezamenlijk in een ontspannen sfeer gewerkt aan de praktische vaardigheden Engels: spreken en luisteren. We hopen met het aanbieden van de Zomerscholen de start van een nieuwe opleiding voor leerlingen gemakkelijker te maken.

Mocht u graag meer informatie hebben over de Zomerschool dan kunt u contact opnemen met Thea de Ruijter, coördinator Centrum Taal en Rekenen. Telefoon (088) 017 73 98thea.ruijter@leijgraaf.nl of zomerschool@leijgraaf.nl.

Het eerste jaar Entree op ROC de Leijgraaf

door: Team Entree ROC de Leijgraaf

Het einde van het schooljaar is in zicht, het eerste jaar Entree zit er bijna op bij ROC de Leijgraaf.

Leerlingen zijn druk bezig met het afronden van de opleiding en met de voorbereidingen voor het komende jaar. Dat kan voor een vervolgopleiding zijn, of voor een passende werkplek. Bij het zoeken naar een werkplek wordt de leerling onder andere ondersteund door Diana de Zwart. Als ‘netwerkmakelaar kwetsbare jongeren’ zijn haar taken gericht op het samenbrengen van onze leerlingen met verschillende partijen om een geschikte werkplek te vinden.

Het eerste half jaar volgden de Entree-leerlingen de sectorlessen nog breed in 3 sectoren; dienstverlening, food & feed en techniek. Het onderwijs was voornamelijk gericht op het verwerven van algemene werknemersvaardigheden, het maken van een keuze richting uitstroomprofiel en het zoeken van een passende stage. De werkzaamheden op de stageplek zijn voor de leerlingen een belangrijke factor bij het kiezen voor een bepaald profiel. De samenwerking met diverse partners bij het zoeken naar geschikte stageplekken is de afgelopen tijd versterkt en we hebben ons netwerk van partners verder uitgebreid.

In het tweede half jaar maakten de leerlingen een keuze voor het uitstroomprofiel. Entree biedt in totaal 8 profielen aan; assistent dienstverlening en zorg, assistent verkoop/retail, assistent logistiek, assistent procestechniek, assistent horeca, voeding en voedingsindustrie, assistent mobiliteitsbranche, assistent installatie- en constructietechniek en assistent bouwen en wonen.

Tijdens de sectorlessen zijn de leerlingen voorbereid op de proeve van bekwaamheid (het praktijkexamen) die op de stageplek afgenomen wordt. Dat gebeurde door de combinatie van theorie met met praktijksimulatielessen en excursies (onder andere bij Vos Logistics Oss, BrabantZorg, Nieuwe Hoeven Schaijk, Sligro Nijmegen en La Vie Catering Wijchen). Ook werd expertise ingeschakeld vanuit verschillende afdelingen binnen De Leijgraaf. Zo heeft Dolf Litjens gastlessen verzorgd voor procestechiek en logistiek.

Met diverse praktijkscholen, instanties, maar ook met eigen interne opleidingen zijn samenwerkingen gestart. Zoals de cross-over met de opleiding Logistiek niveau 2. Leerlingen beginnen direct in het uitstroomprofiel assistent logistiek en draaien het Entree-programma in de groep waar ook leerlingen van Logistiek niveau 2 zitten, die hun eigen programma hebben. Alle leerlingen vinden elkaar in een gemeenschappelijk deel en kunnen ontzettend veel van elkaar leren. Doorstroom vanuit de Entree-opleiding naar niveau 2 is op deze manier ook eenvoudiger. Kortom: meer kansen voor de Entree leerling.

Het nieuwe team Entree onder leiding van Mark Oldenburg kijkt terug op een geslaagd jaar. Er zijn grote stappen gezet en iedereen is enthousiast en gemotiveerd om de opleiding verder vorm te geven!

Samenwerken aan LOB op het Fioretti College

door: Willie Stevens

Loopbaanoriëntatie en –begeleiding (LOB) is een aangelegenheid van alle partijen in de onderwijsketen: scholen voor V.O en MBO- instellingen. Veel onderwijsorganisaties hebben initiatieven ontwikkeld om de doorstroom van elke onderwijssector naar het vervolgonderwijs te verbeteren, denk bijvoorbeeld aan Stick Together in onze regio.

De belangrijkste stap die we op het Fioretti College de laatste jaren hebben gezet is een interne kwaliteitsslag op LOB. Het LOB beleidsplan is het resultaat van een uitgebreide LOB scan en interne discussie met decanen, mentoren, stagedocenten etc. LOB wordt integraal aangeboden op het Fioretti College. LOB heeft een volwaardige plek in het programma van de leerling gekregen. Door scholing en trainingen hebben we de vaardigheden van docenten en decanen verder geprofessionaliseerd. LOB is een proces waarin collega’s een belangrijke rol spelen door te inspireren, te begeleiden en de juiste vragen te stellen aan de leerling.
Ook de ouders worden nadrukkelijk betrokken bij LOB, dit doen we door speciale ouderavonden waarin LOB en keuze centraal staan.

Komend schooljaar gaan we samen met de loopbaangroep verder met de professionalisering. Ieder team heeft straks een eigen LOB schoolcoach die garant staat voor borging van goede LOB gesprekken met de leerling.

De afgelopen jaren is het percentage VSV voor onze school geweest:

2008 4,1 %; 2009 4,5%; 2010 1,1%; 2011 1,8%; 2012 1,2%; 2013 0,4 % en 2014 1.1%.

Voor VSV moet wel opgemerkt worden dat er een bijstelling in de registratie heeft plaatsgevonden. In de eerste jaren werd een afstromer van het vmbo naar het PRO ook als VSV-er geregistreerd. De norm voor VMBO bovenbouw is nu 4%, we zitten daar dus ruim onder.

Aandacht voor LOB heeft zeker geleid tot het voorkomen van VSV en betere keuzes van leerlingen voor het vervolgonderwijs. Borging van LOB is dan ook een taak van iedere medewerker bij ons op school, het verdwijnt niet meer van onze werkagenda!

SLOB verweven in alle leerlagen van Zwijsen College

Door: Mirande van Beurden

Op het Zwijsen College is Studie- en Loopbaanoriëntatie en Begeleiding (SLOB) een belangrijk onderdeel van het lesaanbod. SLOB is in alle leerlagen verweven. Het wordt steeds belangrijker en blijft zich uitbreiden.

De laatste jaren is er veel geïnvesteerd in educatie voor mentoren. We vinden het belangrijk dat voort te zetten. Mentoren worden steeds kundiger. Je merkt dat ze zich hierdoor ook verantwoordelijker gaan voelen. Ze voelen zich betrokken bij de loopbaan van de leerling. Steeds vaker kunnen zij bieden wat nodig is. Door externe coaching hebben we de docent bewust gemaakt van zijn intrinsieke motivatie. Vanuit eigen ervaring in de loopbaan maken ze de koppeling naar de leerling.

Er wordt alert gereageerd op en intensief aandacht besteed aan leerlingen die dreigen uit te vallen. Mentoren, decaan en teamleiders werken samen om de leerling in kaart te brengen, te ondersteunen en te motiveren de juiste keuze te maken voor de toekomst. Er wordt geïnvesteerd in kennisontwikkeling en benadering van leerlingen. Mentoren krijgen training op maat. De ene mentor ontwikkelt zich in gespreksvaardigheden, terwijl de andere zich verdiept in het studieaanbod.

De algemene tendens is leerlingen stimuleren en laten verdiepen in de loopbaan en waar nodig persoonlijk ondersteunen. We gaan uit van de mogelijkheden van de leerling.

Door SLOB in te zetten en samen te werken met andere scholen is het het Zwijsen College gelukt het percentage schooluitval terug te brengen. Als we de uitval in 2013 en 2014 vergelijken met de 3 voorafgaande jaren constateren we een vermindering van 69,48%. Dat hopen we zo vol te houden.

zwijsen

Een digitale methode voor loopbaanoriëntatie op Metameer

door: Harry Flaton

Op het vmbo van Metameer staat loopbaanleren centraal. De kernvragen “wie ben ik”, “wat wil ik” en “wat kan ik” vormen de rode draad in vier jaar onderwijs. Om tot antwoorden te komen op deze vragen worden er loopbaanreflectiegesprekken gevoerd. De afgelopen 2 jaar zijn alle mentoren van klas 2, 3 en 4 geschoold door Nard Kronenberg in het voeren van loopbaanreflectiegesprekken.

De inhoud van de loopbaanreflectietraining is gekoppeld aan de vijf loopbaancompetenties:
-Kwaliteitenreflectie
-Motievenreflectie
-Werkexploratie
-Loopbaansturing
-Netwerken.

Deze vijf loopbaancompetenties vormen de basis voor de digitale LOB-methode Qompas die sinds het schooljaar 2014-2015 wordt ingezet vanaf het tweede leerjaar t/m het vierde leerjaar. Vanaf schooljaar 2015-2016 wordt Qompas ook ingezet in de brugklas

Met deze methode leren de leerlingen vragen over zichzelf beantwoorden(denk aan de eerdergenoemde kernvragen) en testen zij zichzelf. Denk bijvoorbeeld aan een beroepentest en een kwaliteitentest. Testen die je vaker in die vier jaar kan laten terugkomen. De methode bevat uitgebreide informatie over de vakken en programma’s die de sector vmbo op Metameer aanbiedt. De loopbaanreflectiegesprekken hebben een duidelijke rol in Qompas. Ook staat vermeld welke vakken en vaardigheden voor een opleiding vereist zijn.

Persoonlijk dossier/Portfolio LOB

Leerlingen nemen tijdens hun vmbo loopbaan deel aan verschillende activiteiten in en buiten school. Zo zijn er de speeddate en beroependagen in het tweede leerjaar. In de bovenbouw lopen leerlingen stages, bezoeken open dagen en informatieavonden. Ook lopen alle bovenbouwleerlingen een dag mee in het mbo. Daarnaast hebben de vakken met hun vakdocenten hierin ook een rol. Denk aan excursies die leerlingen hebben gehad óf aan pronkstukken van een leerjaar waar zij trots op zijn.
Leerlingen kijken continue terug op deze activiteiten, kijken continue terug op hun ervaringen. Deze ervaringen worden geborgd door de leerlingen in Qompas. Er vormt zich een persoonlijk dossier/portfolio. De mentor voegt daar verslagen en actielijstjes aan toe van de gevoerde loopbaangesprekken. Zo groeit het persoonlijk dossier/portfolio en is de leerling eigenaar van zijn/haar eigen loopbaan.

Mentoren op Udens College beter toegerust

Drie vragen aan Betsie van Kuppen

Hoe is het LOB-traject op uw school opgepakt. Wat is er binnen uw school veranderd door dit traject?

Wij hebben een groep mentoren getraind op het gebied van LRG gesprekken voeren met hun leerlingen. We hebben dit gedaan in groepen tot 10 mentoren. Per groep hebben de mentoren 2 trainingsdagdelen van 4 uur gekregen, verzorgd door de LRG schoolcoaches Yvette van Wijk, Msc. en Betsie Kuppen, decanen Udens College, sector vmbo.

Tussendoor gaan de mentoren aan de slag met het oefenen in de praktijk. Daarnaast wordt er iedere periode minimaal één gesprek opgenomen en besproken met een van de schoolcoaches. (supervisie).

Vervolgens wordt in de derde periode van het schooljaar een intervisie bijeenkomst gehouden. Hierbij zijn de opgenomen gesprekjes onderwerp van intervisie. Mentoren geven elkaar feedback over dat wat ze gezien en geleerd hebben, tops en tips worden uitgewisseld.

Wij zien en ervaren dat mentoren zich beter toegerust voelen om de persoonlijke begeleiding van de mentorleerlingen inhoud en richting te geven. Mentoren ervaren de training als zeer zinvol en hands-on, praktisch nuttig.

Wat neemt u mee van dit traject en hoe borgt u dit in de organisatie?

Wij nemen van dit traject mee, dat wij dit als rode draad in de begeleiding in gaan zetten, met name op de afdeling Basis en Kader zijn we daar het verste mee. Dit schooljaar zijn ook de eerste onderbouw mentoren getraind, ieder jaar gaan we een stapje verder, en zo hopen we de LOB/LRG vlek verder te verspreiden.

Wij hebben met name gekozen om mentoren in eerste instantie hiervoor te vragen, uit te nodigen, waardoor we meer kunnen sturen en met name kartrekkers en initiatiefnemers en enthousiastelingen vooraan zetten. Dat heeft een goede uitwerking op anderen, die ook nieuwsgierig worden, en naar de training gaan vragen: wanneer ben ik dan aan de beurt. Dit werkt heel anders dan verplicht het aan te reiken, dus!

Op welke manier heeft dit traject bijgedragen aan het voorkomen van VSV of meer specifiek Maatschappelijke uitval?

Komend schooljaar gaan we op de afdeling Bovenbouw Beroeps, sub afdeling PIE, starten met het voeren van LRG gesprekken met ALLE leerlingen, als wezenlijk, want kern onderdeel van hun praktijkvak. De vakdocenten die hier nog niet voor getraind zijn, krijgen een speciaal traject aangeboden.

Het is moeilijk om aan te tonen dat dit traject nu al een positieve uitwerking zou hebben op voortijdig schoolverlaten. Bij VSV op het vmbo gaat het meestal over een scala aan problematiek en is de gekozen oplossing vaak een onderdeel van weer een ander probleem.

Ten aanzien van het meer gestroomlijnd doorstromen van vmbo naar mbo ben ik er zeer van overtuigd, dat hier een belangrijke bijdrage wordt geleverd om tot beter toegeruste leerlingen en vervolgkeuzes te geraken bij de grote gemene deler.

Mentoren voeren nu inhoudelijke gesprekken met juist die leerlingen, die dat meer dan gemiddeld nodig hebben: hier is nog een verbeterslag te maken. (zie ook antwoord op vorige vraag)

Samen op naar 2015!

2015 wordt voor VSV een spannend jaar. We hebben de afgelopen jaren samen veel winst geboekt. In schooljaar 2012/2013 telde onze regio 880 VSV-ers, waar het er in 2005/2006 nog 1923 waren.

Nu is het de vraag of we ook dit schooljaar onze VSV-doelstellingen gaan behalen. Met name de doelstelling op MBO N3/4 is een hele uitdaging.

Wij zijn er van overtuigd dat een effectieve aanpak van voortijdig schoolverlaten altijd begint bij een warme en betrokken aandacht van de docent bij de studenten. Persoonlijke binding tussen de individuele student, de docent en de school verlaagt de kans op uitval. Meer hierover in de column Relatie.

Het regionaal VSV-convenant wordt met een jaar verlengd. Dit extra jaar kun je zien als een voorsorteerjaar op de ontwikkelingen die komen gaan.

Want er zijn veel ontwikkelingen:

Kortom: er gebeurt veel in onderwijsland.

Wat wel vaststaat is dat het belangrijk is dat we regionaal blijven samenwerken. Regio 36a en regio 36b zijn dan misschien verschillend, maar we kunnen van elkaar leren en goede dingen van elkaar overnemen. Daarbij hebben we een gemeenschappelijk belang: het belang van onze jongeren.

Wij wensen u een fijne kerstvakantie en een heel gelukkig 2015.

 

Met vriendelijke groet,

 

Han Viguurs en Reinoud van Uffelen

 

“gesloten-beurs-intentieverklaring” getekend

Tijdens het regionaal congres op 16 oktober tekenden zes vertegenwoordigers van MBO en VO uit onze regio een intentieverklaring.

Met ondertekening van deze verklaring zeggen zij het volgende:

“Als er zich individuele gevallen voordoen waarbij dreigende VSV-ers wellicht baat zouden kunnen hebben bij een voorziening van een andere instelling en er is plaats op deze voorziening, dan kan deze leerling gebruik maken van deze voorziening zonder dat daar kosten voor in rekening worden gebracht.”

De volledige intentieverklaring is hier in te zien.

 

Terugblik op congres “Verstandig Samen Verbeteren”

Op 16 oktober vond onder de titel “Verstandig Samen Verbeteren” een regionaal VSV-congres plaats. Key-note spreker Ronald Hünneman vertelde een prachtig verhaal met een duidelijke boodschap: “Als je wil dat je leerlingen blijven moet je zorgen dat ze graag naar school komen en dat ze zich gezien voelen.”  Aansluitend ging Reinoud van Uffelen kort in op de regionale stand van zaken en waren er vijf interessante workshops. (Hieronder een link naar de diverse powerpoint-presentaties).

Na een optreden van Eefke van der Loop werd het congres afgesloten met de ondertekening van “de gesloten-beurs-intentieverklaring”.

Presentaties en workshops van congres Verstandig Samen Verbeteren op 16 oktober 2014

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

 

Cijfers, cijfers, cijfers

Laten we niet vergeten dat als we over VSV-cijfers praten, dat we eigenlijk over kinderen praten.

Maar de cijfertjes geven ieder jaar weer een beeld over hoe het in de regio gaat. Over de zeer voorlopige cijfers van 2013-2014 kunnen we zeggen dat DUO in onze regio 970 VSV-ers telt. Vorig jaar rond deze tijd was dat aantal 1033. Een daling dus van 63 zou je zeggen, maar die 1033 van vorig jaar werden in de loop van het jaar nog gecorrigeerd naar 880. Het aantal van 970 VSV-ers van dit jaar zal ook nog gecorrigeerd worden. Er zijn bijvoorbeeld nog bijna 80 examendeelnemers en als die voor het eind van het jaar een diploma halen gaan ze van de lijst af. Ook zal van een aantal N1-gediplomeerden vastgesteld worden dat ze meer dan 12 uur werken. Ook deze leerlingen zullen van de lijst afgaan.

Het is dus te vroeg om conclusies te verbinden aan de cijfers, maar met uitzondering van N1 hebben we op alle fronten de normen gehaald.

Cijfers regio 36 (volgens de DUO-rapportage van 8 oktober 2014)

aantal % norm
VO onderbouw 44 0,22%  1,0%
VMBO bovenbouw 105 1,21%  4,0%
HAVO/VWO bovenbouw 31 0,31%  0,5%
MBO 1 126 45,82%  27,5%
MBO 2 293 9,18%  11,5%
MBO 3/4 371 3,04%  3,5%
TOTAAL 970